Waarom schiet de stroomprijs soms omhoog? Zo wordt je dynamische tarief bepaald
De korte versie: je dynamische stroomprijs is geen vast bedrag, maar de uitkomst van een veiling die elke dag opnieuw plaatsvindt. Op die veiling bepaalt steeds de duurste centrale de prijs voor de hele markt. Stel je een trein met 100 stoelen voor. Verschillende mensen bieden op de stoelen. De duurste prijs is uiteindelijk wat álle mensen moeten betalen voor de stoel — ongeacht of ze al een stoel bemachtigd hadden tegen een goedkopere prijs.
Daardoor kan de prijs binnen één dag van bijna gratis naar meer dan een euro per kWh schieten. Welke kant het op gaat, hangt af van een handvol factoren: hoeveel zon en wind er is, hoe duur gas is, hoeveel vraag er naar verwachting gaat zijn, en wat er in de landen om ons heen gebeurt.
Hieronder lees je eerst hoe die prijsvorming werkt en daarna welke knoppen er echt aan draaien. De extreme avond van 23 juni 2026 gebruiken we als voorbeeld — niet alleen omdat die dag bijzonder was qua energieprijs, maar vooral omdat je er alle factoren tegelijk in terugziet.
Eerst het mechanisme: de prijs ontstaat op een dagelijkse veiling
De prijs van morgen wordt vandaag al bepaald. Elke dag rond het middaguur veilen alle handelaren op de Europese stroombeurs (EPEX) de stroom voor elk kwartier van de volgende dag. Vraag en aanbod komen daar samen en leveren één prijs per tijdvak op. Dus 24 uur × 4 kwartieren in het uur = 96 prijzen per dag. Die uur- of kwartierprijs is wat jij met een dynamisch contract betaalt, met een vaste opslag van je leverancier erbovenop.
Hoe die veiling precies werkt, leggen we los uit in het artikel over de dag-ahead markt en het voorspellen van prijzen. Voor nu is één regel genoeg om de rest te begrijpen.
De kern: de duurste centrale bepaalt de uiteindelijke prijs
Dit heet de merit order. De goedkoopste stroom mag eerst leveren: zon, wind en kerncentrales, want die hebben nauwelijks brandstofkosten. Is dat niet genoeg om alle vraag te dekken, dan komen duurdere bronnen erbij — gas- en kolencentrales. De centrale die als laatste nodig is om het gat te dichten, bepaalt de prijs voor álle stroom van dat uur. Ook de goedkope zonnestroom krijgt dan die hoge prijs.
Op het moment dat zon en wind tekortschieten, is de gascentrale vaak de sluitpost — en dus bepaalt de gasprijs wat je betaalt, ook al komt een groot deel van je stroom van wind en zon.
De factoren die de prijs flink kunnen bewegen
Als je begrijpt dat de duurste benodigde centrale de prijs zet, dan snap je ook waaraan je moet draaien. Zes factoren doen het meeste werk.
1. Hoeveel zon en wind er is
Dit is de grootste dagelijkse schommelaar. Veel zon en wind betekent dat goedkope bronnen een groot deel van de vraag dekken; de prijs zakt, soms tot onder nul. Weinig zon en wind — een donkere, windstille dag, ook wel dunkelflaute — betekent dat gas moet bijspringen, en dan loopt de prijs op.
2. De gasprijs
Omdat gas zo vaak de prijszetter is, tikt de gasprijs bijna één-op-één door in de stroomprijs. En de gasprijs zelf hangt af van vraag en aanbod in heel Europa: hoeveel gas er uit Noorwegen en via LNG-schepen binnenkomt, hoe vol de gasopslagen zitten, en geopolitiek. In juni 2026 was er de oplopende spanning in het Midden-Oosten rond de Straat van Hormuz. De Europese gasprijs ging daardoor richting de 48 euro per MWh, en dus steeg de stroomprijs mee omhoog.
3. De CO₂-prijs (emissierechten)
Een gas- of kolencentrale moet voor elke ton CO₂ die hij uitstoot een emissierecht kopen. In 2026 kost zo'n recht rond de 80 euro per ton. Een gascentrale stoot ongeveer 0,4 ton CO₂ uit per MWh stroom, dus dat is grofweg 32 euro per MWh — ruim 3 cent per kWh — boven op de brandstof. Stijgt de CO₂-prijs, dan stijgt de gasprijs. Stijgt de gasprijs, dan stijgt de energieprijs.
4. De vraag op dat moment
Meer vraag betekent dat de merit order meer energie moet afdekken, en dus al eerder naar duurdere centrales moet overgaan. Twee dingen sturen de vraag: het tijdstip en het weer. Overdag en vooral in de avondspits (ongeveer 17:00–21:00) gebruikt heel Nederland tegelijk stroom. En extreem weer telt dubbel: een koude winterdag jaagt de verwarming aan, een hittegolf juist de airco's en koeling. Op zulke momenten piekt de vraag terwijl het aanbod vaak net krap is.
5. Het buitenland — wij krijgen hun stroom
Het Nederlandse net is fysiek verbonden met Duitsland, België, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk. Is stroom in een buurland goedkoper, dan importeren we en daalt onze prijs. Is er elders schaarste, dan exporteren we en trekt onze prijs omhoog. Daarom raakt een probleem in Frankrijk ons direct: als Franse kerncentrales moeten terugschakelen, dan wordt heel Noordwest-Europa duurder. En wij dus ook.
6. Onverwachte uitval
Tot slot het onvoorspelbare deel: een storing of onderhoud aan een grote centrale, of aan een stroomkabel naar het buitenland, haalt in één klap aanbod weg. Wat overblijft moet de vraag dekken, dus schuift de prijs naar de volgende, duurdere centrale.
Alles tegelijk: 23 juni 2026
Op die avond piekte de kale marktprijs om 20:45 naar ongeveer 0,90 euro per kWh (902 euro per MWh op de groothandelsmarkt). Inclusief energiebelasting en btw kwam een huishouden met een dynamisch contract op zo'n 1,20 euro per kWh — de hoogste prijs in jaren. Let op het onderscheid: de kale marktprijs is wat op de beurs gebeurt; wat jij betaalt is dat bedrag plus belasting, btw en de opslag van je leverancier.
Waarom juist toen? Niet door één oorzaak, maar door een stapeling:
- Een hittegolf zorgde voor veel vraag naar energie.
- Het was avond, dus de zon viel weg net toen de vraag piekte.
- Er stond weinig wind, dus ook die bron leverde weinig.
- Franse kerncentrales waren teruggeschroefd door te warm rivierwater.
- Een gascentrale viel uit, waardoor er nog minder aanbod was.
- De gasprijs stond al hoog door spanning in het Midden-Oosten.
Geen van deze factoren op zich verklaart de piek. Het was de optelsom. Op een gewone dag met wat wind en een normale gasprijs gebeurt dit niet.
Wat betekent dit voor jou met een dynamisch contract?
Met een dynamisch contract betaal je de marktprijs per uur direct door. Bij een vast contract zit een piek als die van 23 juni verstopt in een gemiddeld jaartarief — je merkt het niet op die dag, maar je betaalt het gespreid over het jaar wél mee. Het omgekeerde geldt ook: de dalen, waarop stroom soms bijna gratis of zelfs negatief is, vang je met een vast contract niet.
Een hoge piek zal naar verwachting vaker voorkomen. Je kunt er weinig aan doen dát het gebeurt. Wat je er wél aan kunt doen, is je verbruik verschuiven:
- Zet zwaar verbruik — wasmachine, vaatwasser, het laden van je auto, batterij of boiler — op de goedkope uren. Die liggen vaak 's nachts en midden op de dag, als de zon volop schijnt.
- Vermijd de avondspits (ongeveer 17:00–21:00); dat is bijna elke dag het duurste moment.
- Check de prijs van morgen en plan je verbruik vooruit. Je ziet een piek meestal een dag van tevoren aankomen.
Veelgestelde vragen
Bepaalt mijn leverancier de prijs?
Nee. De prijs ontstaat op de markt. Je leverancier rekent de uurprijs door en verdient aan een vaste opslag per kWh, niet aan de hoogte van de piek.
Is zo'n hoge piek woekerwinst?
Nee. Door de merit order betaalt iedereen op dat uur dezelfde prijs: die van de duurste centrale die nog nodig is. Niemand verdient extra aan de piek zelf.
Gebeurt dit nu steeds vaker?
Extreme uitschieters blijven uitzondering en vragen een stapeling van oorzaken. Wel zorgt meer zon en wind voor grotere schommelingen: vaker heel goedkoop, maar op luwe momenten ook scherpere pieken. Juist daarom loont het om je verbruik te kunnen verschuiven.
Bronnen
Lees ook